Menu
Het aantal zonnepanelen dat u nodig hebt volgt uit één deling: uw jaarverbruik gedeeld door de opbrengst per kWp, en dan door het vermogen van één paneel. Hieronder de formule, een tabel per verbruiksprofiel en het nodige dakoppervlak.
Voor een doorsnee Vlaams gezin dat rond de 3.500 kWh per jaar verbruikt, volstaan meestal 8 à 9 zonnepanelen, goed voor ongeveer 3,5 à 4 kWp. De formule erachter is simpel: deel uw jaarverbruik in kWh door de jaaropbrengst per kWp (in Vlaanderen ongeveer 900 kWh), en deel dat vermogen daarna door het vermogen van één paneel (440 à 470 Wp). Zo weet u het exacte aantal voor uw eigen situatie.
Het echte antwoord hangt dus niet af van de grootte van uw dak of van uw gezin, maar van uw verbruik. Iemand met een warmtepomp en een elektrische wagen heeft twee tot drie keer zoveel panelen nodig als een spaarzaam koppel in een appartement, ook al is het dak even groot.
Hieronder krijgt u de formule om zelf na te rekenen, een tabel per verbruiksprofiel, hoeveel vierkante meter dak u ervoor nodig hebt, en het punt dat installateurs vaak overslaan: waarom iets ruimer kiezen in 2026 meestal de slimmere keuze is.
Ontdek in 60 seconden hoeveel u kan besparen
Een plat of normaal hellend dak zijn ideaal voor zonnepanelen
Het aantal panelen berekent u in twee stappen. Eerst zoekt u hoeveel vermogen (kWp) u nodig hebt, daarna hoeveel panelen dat vermogen leveren.
Formule: jaarverbruik (kWh) ÷ 900 = benodigd vermogen in kWp. En dan: benodigd vermogen (kWp) ÷ paneelvermogen (0,45 kWp) = aantal panelen. Die 900 is de vuistregel voor de jaaropbrengst van één kWp in Vlaanderen, bij een redelijke oriëntatie zonder zware schaduw. Op een perfect zuidgericht dak haalt u eerder 950, op oost-west of met wat schaduw zakt u naar 800 à 850.
Neem een gezin van 3.500 kWh per jaar. Eerst het vermogen: 3.500 ÷ 900 ≈ 3,9 kWp. Dan het aantal: 3,9 ÷ 0,45 ≈ 8,6 panelen, dus 8 à 9 stuks van 450 Wp.
Eén zo'n paneel levert in Vlaanderen ongeveer 400 kWh per jaar op, zodat u ook rechtstreeks kunt rekenen: 3.500 ÷ 400 ≈ 9 panelen. Beide wegen komen op hetzelfde uit.
Deze berekening mikt op panelen die over een heel jaar ongeveer evenveel opwekken als u verbruikt. Dat betekent niet dat u alles zelf gebruikt: zonder thuisbatterij ligt uw zelfverbruik rond 30 tot 40 procent, de rest gaat overdag het net op. Met een batterij of door bewust overdag te verbruiken tilt u dat aandeel flink op.
Kent u uw exacte verbruik niet, kijk dan op uw jaarafrekening of in de app van uw energieleverancier. Onderstaande tabel vertaalt de meest voorkomende profielen meteen naar een aantal panelen van 450 Wp en het dak dat u ervoor nodig hebt.
| Profiel | Jaarverbruik | Benodigd vermogen | Aantal panelen (450 Wp) | Dakoppervlak |
|---|---|---|---|---|
| Klein huishouden, spaarzaam | 2.500 kWh | ±2,7 kWp | 6 panelen | ±12 m² |
| Doorsnee gezin | 3.500 kWh | ±3,9 kWp | 8 à 9 panelen | ±16 à 18 m² |
| Groot gezin, ruim verbruik | 5.000 kWh | ±5,5 kWp | 12 panelen | ±24 m² |
| Gezin met warmtepomp | 6.500 kWh | ±7,2 kWp | 16 panelen | ±32 m² |
| Warmtepomp én elektrische wagen | 8.000 kWh | ±8,9 kWp | 20 panelen | ±40 m² |
De onderste twee rijen springen eruit, en dat is geen toeval. Een warmtepomp voegt al snel 2.500 tot 4.000 kWh aan uw verbruik toe, een elektrische wagen die u thuis laadt nog eens 2.000 tot 3.500 kWh. Wie vandaag nog op gas of mazout verwarmt maar dat de komende jaren wil omgooien, rekent die extra kWh dus beter nu al mee.
Ontdek in 60 seconden hoeveel u kan besparen
Een plat of normaal hellend dak zijn ideaal voor zonnepanelen
Reken op ongeveer 2 m² per paneel. Een standaard residentieel paneel meet zowat 1,76 op 1,13 meter, dus net geen 2 m². Voor een doorsnee gezin van 8 à 9 panelen komt dat neer op 16 tot 18 m² dak, voor een geëlektrificeerd huis met 20 panelen op zo'n 40 m².
Let wel op het verschil tussen totaal en bruikbaar dakoppervlak. Dakramen, een schoorsteen, een dakkapel, de nokrand en de wettelijke afstand tot de dakranden knabbelen er allemaal aan. Reken daarom niet uw volledige dakvlak mee, maar het aaneengesloten stuk dat vrij en goed georiënteerd ligt. Meer hierover leest u op onze pagina over de oppervlakte per zonnepaneel.
Op een 1-fasige aansluiting mag uw omvormer maximaal 5 kVA wisselstroom leveren. Dat is een grens op het vermogen van de omvormer, niet op het aantal panelen of het aantal kWp op uw dak: een omvormer mag namelijk 120 tot 150 procent aan panelen dragen, zodat een 5 kVA-omvormer in de praktijk vlot 6 tot 7,5 kWp aankan, goed voor ongeveer 13 à 16 panelen van 450 Wp. Pas als u daar duidelijk boven wilt, of tegelijk een warmtepomp, laadpaal en batterij zwaar wilt belasten, komt een 3-fasige aansluiting in beeld. Vraag uw installateur dit na vóór u een groot systeem plant, want een omschakeling naar 3-fasig kost al snel enkele honderden tot enkele duizenden euro.
In 2026 is iets ruimer kiezen meestal de betere keuze, om twee redenen die niets met elkaar te maken hebben maar dezelfde kant op wijzen. De eerste is prijs: een groter systeem is goedkoper per paneel. De vaste kosten (verplaatsing, stelling of ladderlift, de basisomvormer, de keuring en de administratie) spreidt u over meer panelen. Een offerte voor 8 panelen en één voor 16 panelen zijn daarom nooit één op één vergelijkbaar per Wattpiek: de extra panelen kosten per stuk beduidend minder dan de eerste.
De tweede reden is uw toekomstige verbruik. De kans is groot dat uw stroomverbruik de komende jaren stijgt: een warmtepomp, een elektrische wagen, misschien een thuisbatterij. Panelen bijleggen ná de plaatsing is duur, want dan betaalt u die vaste kosten een tweede keer. Meteen wat ruimer gaan is bijna altijd voordeliger.
Toch is er een bovengrens. De terugdraaiende teller is definitief verleden tijd: wie vandaag plaatst heeft een digitale meter zonder salderen, en sinds 1 april 2026 worden ook de laatste negatieve tellerstanden niet meer gecompenseerd. De vergoeding voor injectie die u ervoor in de plaats krijgt is mager: gemiddeld zo'n 4,4 cent per kWh, afhankelijk van uw contract van minder dan 1 cent tot ruim 9 cent.
Stroom die u overdag op het net zet is dus weinig waard geworden, en panelen leggen puur om aan het net te verkopen loont niet meer. De sweet spot ligt bij een systeem dat uw verbruik dekt inclusief wat u binnenkort elektrificeert, niet bij een dak dat u volstouwt om te verkopen.
De prijzen van zonnepanelen blijven dalen. Vandaag is de prijs van zonnepanelen met meer dan 60 procent gedaald in 5 jaar!
100% vrijblijvend
Bespaar tot 30%
60 seconden
De richting van uw dak bepaalt hoeveel elk paneel opbrengt, en dus hoeveel panelen u nodig hebt voor dezelfde jaaropbrengst. Een zuidgericht dak is de referentie op 100 procent. Oost-west levert per paneel ongeveer 80 tot 85 procent, dus daar hebt u een paneel of twee extra nodig om aan hetzelfde totaal te komen.
Oost-west heeft wel een voordeel dat nu zwaarder weegt dan vroeger: de opbrengst spreidt zich over de ochtend én de avond in plaats van te pieken rond de middag. Dat past beter bij wanneer een gezin thuis verbruikt, waardoor uw zelfverbruik hoger ligt. Nu injectie weinig opbrengt, is die spreiding vaak meer waard dan de paar procent hogere piek van een zuiddak. Kies dus niet blind voor het hoogste getal op de datasheet.
Schaduw is een ander verhaal. Een schoorsteen, een boom of een naburig dak kan één paneel wegzetten en toch de hele string meesleuren als u een gewone omvormer hebt. Op daken met wisselende schaduw lossen power optimizers of micro-omvormers dat op door elk paneel apart te laten werken. Meer over hoe schaduw en warmte de opbrengst drukken, leest u bij rendement bij minder ideale omstandigheden.
Ontdek in 60 seconden hoeveel u kan besparen
Een plat of normaal hellend dak zijn ideaal voor zonnepanelen
Een gemiddeld Vlaams gezin dat ongeveer 3.500 kWh per jaar verbruikt, heeft 8 à 9 zonnepanelen nodig, samen goed voor zo'n 3,5 à 4 kWp. Verbruikt u meer, bijvoorbeeld door een groot huis of veel elektrische toestellen, dan schuift u op richting 10 à 12 panelen.
Reken op 6 à 10 extra panelen voor een warmtepomp en 5 à 9 extra voor een elektrische wagen die u thuis laadt. Een warmtepomp voegt zo'n 2.500 tot 4.000 kWh aan uw jaarverbruik toe, thuisladen 2.000 tot 3.500 kWh, en elke 400 kWh extra vraagt ongeveer één paneel.
Reken op ongeveer 2 m² per paneel, dus 16 tot 18 m² voor een doorsnee gezin van 8 à 9 panelen. Tel alleen het aaneengesloten, goed georiënteerde dakvlak mee, zonder dakramen, schoorsteen en de rand die u wettelijk moet vrijlaten.
Eén residentieel paneel van 450 Wp levert in Vlaanderen ongeveer 400 kWh per jaar op bij een redelijke oriëntatie. Op een perfect zuidgericht dak kan dat richting 430 kWh, op oost-west of met wat schaduw eerder 330 à 370 kWh.
Een beetje ruimer kiezen loont, vooral omdat elk extra paneel goedkoper is en uw verbruik straks wellicht stijgt door een warmtepomp of elektrische wagen. Fors overdimensioneren om stroom aan het net te verkopen loont niet meer, want de vergoeding voor injectie is gemiddeld nog maar zo'n 4,4 cent per kWh waard.
